Follow Us
Be a Fan
De kamer van de Vereenigde Oostindische Compagnie in Enkhuizen leverde doorgaans één bewindvoerder aan het bestuur van de VOC: de heren 17. In tegenstelling tot de andere VOC-kamers Amsterdam, Rotterdam, Hoorn, Delft en Middelburg heeft die van Enkhuizen geen voorgaande compagnieën. Al in 't oprichtingsjaar 1602 krijgt zij de beschikking over de Engelse Toren aan de Oosterhaven vlak bij de Blauwpoortsbrug, waarin het Oostindisch huis wordt ondergebracht. In 1628 verhuist die naar een nieuwbouwpand aan de Wierdijk, dat in 1816 door brand verloren gaat. Naast het Oostindisch huis bezit de compagnie ook het zgn. Peperhuis, een dubbelpand aangekocht in 1628 en tegenwoordig onderdeel van het Zuiderzeemuseum. Aan de Wierdijk ligt een scheepswerf met pakhuizen en een eigen Lijnbaan. Na brand in 1732 bouwt de Compagnie een nieuwe lijnbaan aan de Boereboom. Van 1602-1794 bouwt men in Enkhuizen 108 schepen. Naast de kamer van de VOC heeft ook de Admiraliteit van het Noorderkwartier een vestiging, scheepswerven en pakhuizen in Enkhuizen. De Kamer Enkhuizen had na de kamers van Amsterdam en Zeeland met grootste VOC-aandelen-KAPITAAL-inbreng f 540.000 - eerste 358 inschrijvers waren veel kleine ondernemers met risico-profiel
—A— —B— —C— —D— —E— —F— —G— —H— —I— —J— —K—
—L—
—M— —N— —O—
—P—
—Q—R— —S— —T— —U— —V— —W— —X—Y—Z—